Recht doen is meer dan barmhartigheid
Recht doen is meer dan barmhartigheid
Vandaag begint onze terugreis. Deze morgen ontbijten we rustig en daarna leest Eveline met ons uit Amos 5 vanaf vers 21. Op zich is het niet zo’n opwekkend stuk om te lezen, maar de strekking is duidelijk: God vraagt van ons om recht te doen. Recht doen is meer dan barmhartigheid. Wij zoeken het vaak in barmhartigheid: geld geven, een project starten, maar God vraagt van ons dat we gerechtigheid najagen. Het is een schandelijk onrecht dat er armoede is in het merendeel van de wereld. Hiv en armoede zijn aan elkaar gelieerd. Het is een onrecht dat er zoveel mensen besmet raken met hiv.
Het is om moedeloos van te worden: de zaken zijn mondiaal en liggen zeer complex; de rijke westerse landen hebben grote belangen en de handelsbarrières bestaan nog steeds waardoor er maar mondjesmaat geïmporteerd wordt uit de ontwikkelingslanden. De rijken worden (nog steeds) rijker en de armen armer. Het is bizar: met de ene hand geeft het westen (ontwikkelingsgeld), met de andere hand neemt het.
Het is om moedeloos te worden, maar we willen ons er niet bij neerleggen. Wij kùnnen een verschil maken. Ieder op zijn eigen plaats. Als alle christenen nu eens consequent Fair Trade artikelen zouden kopen en op die manier een vuist maken tegen uitbuiting! En als alle kerken consequent Max Havelaar koffie zouden schenken, zouden ze daarmee een duidelijk signaal kunnen afgeven. Het moet anders! Wij kunnen ons niet neerleggen bij het onrecht van de armoede. Er moet recht gedaan worden. Omdat God het wil. Met deze opdracht gaan wij naar huis.
